Gefaseerde of directe behandeling bij complexe PTSS

Een vergelijkend onderzoek naar de meest geschikte behandeling voor complexe PTSS
UvA 

In het kort
Hoofdonderzoekers: mevrouw N.I. van Vliet
Betrokken instelling: University of Amsterdam
Startdatum: september 2016
Einddatum: 2019
Aantal patiënten in onderzoek: 173

De vraagstelling van het onderzoek
Posttraumatische stressstoornis (PTSS) kan ontstaan na herhaaldelijke interpersoonlijke trauma’s in de jeugd. Ongeveer 25% van de PTSS patiënten lijdt aan complexe PTSS, een zeer ernstige vorm van PTSS. Met als symptomen onder andere: moeilijk omgaan met emoties, stemmingswisselingen, verstoorde relationele capaciteiten en somatisatie (lichamelijke symptomen worden veroorzaakt door psychische factoren).
De behandeling van complexe PTSS bestaat doorgaans uit traumagerichte cognitieve gedragstherapie en EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) therapie. De ISTSS (International Society of Traumatic Stress Studies) schrijft een gefaseerde behandeling voor, wat wil zeggen dat de behandeling wordt voorafgegaan door een stabilatiefase, te bereiken via het STAIR-programma (Skills Training in Affective and Interpersonal Regulation). Het doel van de stabilisatiefase is om emoties beter onder controle te krijgen, een gevoel van veiligheid te creëren en het zelfbeeld en de interpersoonlijke vaardigheden te verbeteren.
Het staat echter niet vast dat deze gefaseerde (soms jarenlange) behandeling beter is dan een directe traumagerichte (kortere) behandeling.

Het onderzoek
Dit onderzoekt vergelijkt beide behandelingen met als doel te bepalen welke behandeling het meest geschikt is voor complexe PTSS patiënten. Het gerandomiseerde onderzoek vergelijkt de gefaseerde (STAIR-EMDR) behandeling met een directe traumagerichte (EMDR) behandeling. Een aantal uitkomstvariabelen wordt vergeleken.

Verwachte output
Het komt in de klinische praktijk voor dat patiënten worden geadviseerd om het STAIR-programma meer dan eens te herhalen, waardoor de stabilisatiefase enkele jaren in beslag neemt. Een effectieve behandeling van complexe PTSS patiënten bespaart zowel tijd als kosten voor patiënten en therapeuten. Dit onderzoekt hoopt antwoord te geven op de volgende vragen:
•    beperken stabilatieprogramma’s de toegang tot directe traumagerichte behandeling onnodig?
•    Bepalen patiëntkenmerken (welke?) of een gefaseerde behandeling noodzakelijk of nuttig is in plaats van een directe traumagerichte behandeling?
•    Kan een stabilisatiefase achteruitgang in herstel of uitval in de traumagerichte behandeling voorkomen?