T-ScEmo4ALL Plus+

Verbetering van sociale cognitie en sociaal functioneren bij mensen met niet-aangeboren hersenletsel en neuropsychiatrische problematiek

In het kort

Hoofdonderzoeker: dr. Sophie Rijnen, senior wetenschappelijk onderzoeker Expertisecentrum Hersenletsel en Neuropsychiatrie
Betrokken instelling: GGZ Oost Brabant, Maastricht University, UMC Groningen
Startdatum onderzoek: 1 maart 2026
Einddatum onderzoek: 1 maart 2029
Aantal patiënten in onderzoek: SCED studie 8-20 patiënten met NAH en hun naasten; kwalitatieve interviewstudie 9-17 patiënten met deelname van evenveel naasten.

De vraagstelling van het onderzoek

Niet-aangeboren hersenletsel (NAH) ontstaat bijvoorbeeld na een beroerte, een ongeval of een hersentumor en kan blijvende gevolgen hebben voor denken, gedrag en sociale vaardigheden.

Veel mensen met NAH lopen vast in het dagelijks leven doordat zij sociale signalen minder goed begrijpen. Dit leidt vaak tot conflicten, verlies van relaties en maatschappelijke uitval. Wanneer daarnaast ook neuropsychiatrische problemen aanwezig zijn, zoals stemmings- of gedragsproblemen, zijn de gevolgen extra ingrijpend. Juist voor deze combinatie van problemen ontbreekt binnen de gespecialiseerde GGZ grotendeels een passend, wetenschappelijk onderbouwd behandelaanbod, terwijl de impact op functioneren en kwaliteit van leven groot is.

De centrale vraag van dit onderzoek is: kan een bestaande behandeling voor sociale cognitieproblemen (T-ScEmo) ook effectief zijn bij mensen met niet-aangeboren hersenletsel en neuropsychiatrische problematiek binnen de gespecialiseerde GGZ?

Het onderzoek

Het T-ScEmo4ALL Plus+ project bestaat uit meerdere samenhangende studies. Er wordt een systematische literatuurreview uitgevoerd naar interventies voor sociale cognitie bij mensen met NAH en hun effect op neuropsychiatrische symptomen. Daarnaast wordt het onderzoeksprotocol van de single-case experimental design (SCED) studie gepubliceerd om transparantie en reproduceerbaarheid te waarborgen. De kern van het project bestaat uit een SCED-studie waarin de T-ScEmo behandeling wordt toegepast bij mensen met NAH en neuropsychiatrische problematiek binnen de gespecialiseerde GGZ. Problemen worden herhaaldelijk gemeten voor, tijdens en zowel direct als langere tijd na de behandeling, waardoor veranderingen op individueel niveau zichtbaar worden. Zowel patiënten als hun naasten nemen deel. Tot slot worden kwalitatieve interviews afgenomen om inzicht te krijgen in ervaren effecten en de toepasbaarheid van de behandeling vanuit patiënt- en naastenperspectief.

Verwachte output

Wetenschappelijk levert dit project nieuwe kennis op over de effectiviteit van een evidence-based sociale cognitiebehandeling bij een complexe en vaak uitgesloten GGZ-doelgroep. De combinatie van frequente effectmetingen en ervaringsgegevens draagt bij aan gepersonaliseerde zorg. Resultaten worden gepubliceerd in peer-reviewed tijdschriften en gepresenteerd op (inter)nationale congressen.

Maatschappelijk draagt het project bij aan herstelgerichte, inclusieve GGZ-zorg. De opbrengsten bieden direct toepasbare handvatten voor de klinische praktijk en ondersteunen implementatie en borging van T-ScEmo binnen de zorg voor mensen met NAH en neuropsychiatrische problematiek.