Cognitie en internetgebruik van Nederlandse en Zweedse Ouderen (66+)

In het kort

Hoofdonderzoeker: Jessica Berner
Betrokken instelling:  VUMC
Startdatum: 01-01-2016
Einddatum: 31-07-2016

 

De vraagstelling van het onderzoek

Door informatie- en communicatietechnologie (ICT) kunnen ouderen actief deelnemen aan de samenleving. Het gebruik van ICT-hulpmiddelen (laptops, tablets, smartphones) vereist echter goed cognitief functioneren. Experimentele studies hebben aangetoond dat online interactie en gaming mentale vaardigheden kunnen verbeteren.

In deze studie is de onderzoeksvraag: verbetert normaal internetgebruik het cognitieve functioneren van ouderen? Meer specifiek: vertraagt internetgebruik cognitieve achteruitgang bij de Nederlandse en Zweedse ouderen en welke cognitieve functie wordt er het meest door beïnvloed?

Er is gekozen voor een steekproef onder Nederlandse en Zweedse ouderen (ouder dan 66 jaar), omdat Nederland en Zweden ten tijde van het onderzoek de hoogste percentages internetgebruikers onder ouderen in Europa hebben.

 

Het onderzoek

In het onderzoek wordt gebruik gemaakt van data van SNAC (Swedish National Study on Aging en Care) en LASA (Longitudinal Study on Aging Amsterdam). Vier tijdframes worden onderzocht: T1 (2001-2003), T2 (2004-2006), T3 (2007-2010) en T4 (2011-2013). Het testen van cognitieve verbetering, stabiliteit of achteruitgang na het al dan niet gebruik maken van internet gedurende een langere periode geeft inzicht in causale verbanden. Het bestuderen van een grote groep ouderen uit twee verschillende landen maakt de onderzoeksresultaten betrouwbaarder.

De ouderen hebben een vragenlijst ingevuld (de Mini-Mental State Examination, MMSE), die gebruikelijk is voor het testen van cognitief functioneren. Om voor de verschillende tijdframes te onderzoeken of er een causaal verband is tussen internetgebruik en de cognitieve score wordt gebruik gemaakt van de statistische methode logistische regressie.

Verwachte output

Als het onderzoek aantoont dat internetgebruik door ouderen cognitieve achteruitgang vertraagt of uitstelt, betekent dit dat deze ouderen gezonder, gelukkiger en zelfredzamer leven. In welk geval het aanbeveling behoeft om:
•    ouderen actief over de voordelen van internetgebruik te informeren.
•    ouderen te stimuleren om internet te gebruiken of niet te stoppen met internetgebruik, bijvoorbeeld door middel van workshops.
•    websites, devices en applicaties zo te ontwerpen dat ze meer geschikt zijn voor ouderen.